PuntenstaatWoningwaardering per punt

Praktische gids

Hoe tel je de punten van een huurwoning stap voor stap volgens het woningwaarderingsstelsel?

Door Gepubliceerd op Bijgewerkt op 7 minuten lezen

Een Nederlandse woning met sleutels en papieren. Beeld bij het artikel: Hoe tel je de punten van een huurwoning stap voor stap volgens het woningwaarderingsstelsel?
Beeld gegenereerd met kunstmatige intelligentie

De punten van een huurwoning tel je niet op gevoel, maar onderdeel voor onderdeel, met een meting of een document achter elk punt. Deze gids loopt de telling van begin tot eind door: wat je vooraf verzamelt, wat je opneemt, in welke volgorde je werkt en hoe je het resultaat vastlegt. Aan het einde heb je geen los getal, maar een puntenstaat die een ander kan narekenen.

Wat de puntentelling precies doet

Het woningwaarderingsstelsel zet de kwaliteit van een woning om in punten. Elk onderdeel van de woning krijgt een waardering: de oppervlakte van de vertrekken, de verwarming, de keuken, het sanitair, de buitenruimte, de energieprestatie en de waarde van het pand. De optelsom van al die onderdelen bepaalt welke huurprijs maximaal is toegestaan.

Sinds de Wet betaalbare huur op 1 juli 2024 in werking is getreden, is dat stelsel dwingend geworden tot en met 186 punten. Voor woningen die onder die grens uitkomen is de maximale huurprijs geen advies meer, maar een bovengrens. Precies daarom is de telling zelf ineens een document geworden waar iets van afhangt.

Een telling is geen momentopname van je eigen indruk. Het is een reeks vaststellingen: dit is gemeten, dit staat in het energielabel, dit blijkt uit de WOZ-beschikking. Wie die vaststellingen niet bewaart, houdt alleen een uitkomst over die niemand kan controleren.

Voorbereiding: wat je verzamelt voordat je de woning in gaat

De helft van de telling doe je aan tafel. Hoe meer je vooraf op orde hebt, hoe korter de opname duurt en hoe minder je later hoeft na te bellen.

Documenten die je vooraf bij elkaar zoekt

  • Het geldige energielabel van de woning, met de datum van afgifte. Een energielabel is tien jaar geldig en is verplicht bij verkoop, verhuur en oplevering.
  • De WOZ-beschikking van de gemeente voor het juiste belastingjaar, inclusief de vermelde oppervlakte.
  • De plattegrond of de meetstaat, als die er is, om je eigen meting mee te vergelijken.
  • De huurovereenkomst en de bijlagen, zodat je weet wat er is verhuurd en wat als servicekosten wordt doorbelast.
  • Bij een appartement: de splitsingsakte en de stukken van de vereniging van eigenaars over gemeenschappelijke ruimten.
  • Facturen of opleverbonnen van recente verbouwingen aan keuken, badkamer of isolatie.

Wat je meeneemt naar de opname

  • Een laserafstandsmeter en een rolmaat voor de plekken waar de laser niet uit de voeten kan.
  • Een camera of telefoon, met genoeg ruimte voor tientallen foto's per woning.
  • Een vaste opnamelijst, zodat je in elke woning dezelfde volgorde aanhoudt.
  • Een manier om per ruimte meteen vast te leggen wat je meet, in plaats van losse briefjes die je thuis moet ontcijferen.

Werk je vaker met opnames, dan loont het om die lijst één keer goed te maken. In de checklist voor een woningopname die de puntentelling draagt staat per ruimte wat je meet, fotografeert en noteert.

De telling in zeven stappen

  1. Bepaal het object. Wat is precies de zelfstandige woonruimte? Bij een opgedeeld pand is dat de eerste vraag die je moet beantwoorden, want daarna verandert alles mee.
  2. Meet de vertrekken. Woonkamer, slaapkamers, keuken en badkamer: meet de vloeroppervlakte volgens één consequente methode en noteer per ruimte de maten waaruit je die oppervlakte hebt berekend.
  3. Meet de overige ruimten. Berging, zolder, kelder en gang worden anders gewaardeerd dan vertrekken. Zet ze daarom in een aparte kolom, niet op één hoop met de rest.
  4. Neem de voorzieningen op. Verwarming per ruimte, het aantal en de aard van de sanitaire voorzieningen, de lengte van het aanrecht, de aanwezige keukenvoorzieningen en de buitenruimte.
  5. Voeg de documentgebonden onderdelen toe. Het energielabel telt mee in de puntentelling van het woningwaarderingsstelsel, en de waarde van de woning komt uit de WOZ-beschikking. Neem die niet uit het hoofd over.
  6. Tel op en controleer de uitschieters. Loop de onderdelen langs die veel punten opleveren en vraag je bij elk af waarop dat punt berust. Een telling zonder bron is een schatting met een cijfer erbij.
  7. Zet de uitkomst om in een maximale huurprijs. Vergelijk daarna de gevraagde huur met die grens en leg vast wat je hebt gedaan als er verschil zit.

De onderdelen die het vaakst het verschil maken

Niet elk onderdeel weegt even zwaar en niet elk onderdeel is even gevoelig voor fouten. Deze vier vragen de meeste aandacht.

Onderdeel Waar het punt op berust Wat je bewaart
Oppervlakte van de vertrekken Je eigen meting ter plaatse De maten per ruimte en een foto van de meetsituatie
Energieprestatie Het geregistreerde energielabel Labelklasse, afgiftedatum en einddatum van de geldigheid
Waarde van de woning De WOZ-beschikking Het belastingjaar, het beschikkingsnummer en het bedrag
Keuken en sanitair Opname ter plaatse, soms een factuur Aanrechtlengte, aantal voorzieningen en foto's per ruimte

Waarom de oppervlakte zo vaak wringt

Oppervlakte is het onderdeel waar de meeste discussie over ontstaat, om een simpele reden: er zijn meerdere manieren om een ruimte te meten en ze geven niet dezelfde uitkomst. Schuine daken, dikke binnenmuren, een dorpel en een vaste kast leiden allemaal tot een keuze.

Maak die keuze één keer, schrijf op welke methode je aanhoudt en houd je daaraan in elke woning. Een consequente methode die je kunt uitleggen is sterker dan een gunstige methode die je per woning wisselt.

Van punten naar een maximale huurprijs

De optelsom levert een puntentotaal op, en dat totaal hoort bij een maximale huurprijs. De grens van 186 punten uit de Wet betaalbare huur bepaalt of die maximale prijs dwingend is of niet. Zit je daar net onder of net boven, dan is elk punt in de telling ineens een punt met gevolgen.

Dat maakt de zorgvuldigheid rond de laatste paar punten belangrijker dan de snelheid van de hele telling. Wat er juridisch precies verandert sinds 1 juli 2024, staat uitgewerkt in het artikel over de dwingende werking van het puntenstelsel.

Zelfstandig of onzelfstandig, dat scheelt alles

Voor kamers en andere onzelfstandige woonruimte geldt een eigen waardering. Wie een gedeeld pand per kamer verhuurt, kan de telling van een zelfstandige woning dus niet zomaar overnemen.

Stel die vraag daarom vooraan in het proces en leg het antwoord vast met de reden erbij: eigen voordeur, eigen keuken, eigen sanitair. Achteraf blijkt een verkeerde aanname op dit punt de duurste fout van de hele telling, omdat je dan niet één onderdeel maar de hele staat opnieuw moet opbouwen.

Vergeet daarbij de servicekosten niet. Die staan los van de huurprijs, maar ze komen wel op dezelfde afrekening terecht. Artikel 7:259 BW verplicht de verhuurder om jaarlijks een gespecificeerd overzicht te verstrekken, uiterlijk zes maanden na afloop van het kalenderjaar.

De telling vastleggen zodat een ander hem kan volgen

Een puntentelling wordt pas bruikbaar als iemand anders hem kan lezen zonder jou erbij. Dat betekent: per onderdeel het aantal punten, de bron van dat punt en de datum waarop je het hebt vastgesteld.

De vraag is niet of jouw uitkomst klopt. De vraag is of iemand die de woning nooit heeft gezien, met jouw stuk in de hand tot dezelfde uitkomst komt.

Die tweede vraag is streng, en juist daarom nuttig. Een huurder mag de aanvangshuurprijs binnen zes maanden na het ingaan van de huurovereenkomst laten toetsen door de Huurcommissie. Op dat moment is je telling geen intern werkdocument meer.

Bewaar daarom ook de foto's, de meetnotities en de documenten waar je uit hebt geput. Voor gegevens over onroerende zaken geldt in de fiscale administratie een bewaartermijn van tien jaar, en een dossier dat toch al zo lang meegaat, kun je maar beter compleet houden.

De valkuil van de losse rekenbladen

Veel verhuurders tellen in een rekenblad dat ze per woning kopiëren. Dat werkt, tot iemand een formule aanpast, een kolom verbergt of een oude versie doorstuurt. De uitkomst blijft dan zichtbaar, maar de herkomst verdwijnt.

De fouten die daaruit voortkomen zijn goed te voorspellen. Ze staan bij elkaar in het overzicht van fouten die een puntentelling onderuit halen, met per fout wat je eraan doet.

Wie deze gids heeft geschreven

De aanpak hierboven komt uit het werk aan een rekenmodule waarin elk punt aan een bron hangt. Wie daar achter zit en hoe die keuzes tot stand komen, staat op de auteurspagina van Puntenstaat.

Conclusie: een telling is pas af als hij navolgbaar is

Punten tellen is niet moeilijk, maar het is wel onvergeeflijk precies. De volgorde hierboven, van voorbereiding via meting naar vastlegging, zorgt ervoor dat je uitkomst niet afhangt van wat je je later nog herinnert.

Wil je die volgorde niet elke keer zelf bewaken, dan kan de rekenmodule van Puntenstaat de telling voor je uitvoeren en er meteen een puntenstaat van maken waarin per onderdeel de bron staat. Twijfel je of dat bij jouw woningen past, leg je situatie dan voor via het contactformulier; je krijgt binnen twee werkdagen antwoord, ook als dat antwoord is dat je met een goede opnamelijst al ver komt.

Verder lezen